Elke ontmoeting met een Schotse hooglander is bijzonder. Met zijn dikke vacht, grote hoorns en een gewicht tot 800 kilo is dit rund een indrukwekkend gestalte in ons platte landje. Maar waarom staan wij tijdens een wandeling soms oog in oog met hen? Het is immers een exoot uit, ja, Schotland.
Eerst even een opvallend weetje over de Schotse hooglander. Wanneer je er eentje ziet, zal die hoogstwaarschijnlijk een roodbruine vacht hebben. Klinkt logisch, maar dat is het niet. Van oorsprong hadden de meeste Schotse hooglanders een zwarte vacht. Tot aan midden 19e eeuw. Koningin Victoria, destijds de Britse monarch, scheen de roodbruine kleur simpelweg mooier te vinden, en gaf opdracht tot het fokken van roodbruine Schotse hooglanders. Leuk om te weten: in het Limburgse Drielandenpark proberen ze terug te gaan naar de oorsprong, en grazen vrijwel uitsluitend zwarte exemplaren.
Tot zover een stukje historie. Behalve dat ze imposant zijn om te zien, hebben ze ook nut! Schotse hooglanders zijn natuurlijke, biodiversiteit verhogende maaimachines. Net als alle andere rundsoorten kunnen ze enkel vrij lang gras eten – ze gebruiken hun tong, welke ze om het gras heen slaan – en verspreiden ze zich over een vrij groot gebied. Hierdoor ontstaat een gevarieerd landschap, waardoor meer verschillende soorten flora en fauna zich er thuis voelen. Ook het feit dat Schotse hooglanders zich senang voelen rondom mensen, maakt het geliefde grazers om in te zetten bij natuurbeheer. En is er een koude periode? Geen probleem, dan hebben ze altijd nog bescherming van hun dikke, roodbrui… eh… zwarte vacht.
Tim Duchatteau

